Studie naar de toepasbaarheid van LCA-richtlijnen voor diervoederadditieven

Studie naar de toepasbaarheid van LCA-richtlijnen voor diervoederadditieven

Methodologische verkenning door Blonk en DSM

Een robuuste beoordeling van de milieu-footprint van dierlijke producten is essentieel om inspanningen gericht op emissiereducties te ondersteunen en te stimuleren. Het toevoegen van diervoederadditieven aan diervoeder biedt mogelijke milieuvoordelen, bijvoorbeeld door het verbeteren van dierproductiviteit, -gezondheid en -levensduur. Het Food and Agriculture Organization (FAO) Livestock Environmental Assessment and Performance (LEAP) Partnership heeft diverse geharmoniseerde richtlijnen opgezet om de milieu-footprint van dierlijke producten te berekenen. Onderdeel hiervan zijn ook specifieke richtlijnen voor diervoederadditieven.

Samen met DSM hebben we een methodologische studie opgezet, om de toepasbaarheid van sector levenscyclusanalyse (LCA) richtlijnen, zoals FAO LEAP, te verkennen. In onze APS-footprint tool hebben we nutritionele interventies, en dan specifiek de inzet van diervoederadditieven, gemodelleerd en de milieueffecten onderzocht. De studie is extern gereviewd door experts, volgens de ISO 14044 LCA richtlijnen.


Opzet van de studie

Voor deze studie zijn 14 nutritionele interventies geselecteerd, waaronder het gebruik van diervoederenzymen, vitamines, carotenoïden en eubiotics. De studie is gericht op drie diersoorten: vleeskippen, melkkoeien en vleesvarkens, met gebruik van Nederlandse en Belgische referentie-diersystemen. De nutritionele interventies zijn, naast de FAO LEAP richtlijnen voor diervoederadditieven, gedocumenteerd aan de hand van een uitgebreide literatuurreview en vertaald naar potentiële milieueffecten op boerderijniveau. Uiteindelijk is de studie extern gereviewd en voldoet hiermee aan de ISO 14044 LCA richtlijnen.

Sector richtlijnen om de milieu-footprint te evalueren

Onze methodologische verkenning toetst de toepasbaarheid van sector LCA-richtlijnen om nutritionele interventies, gericht op de verbetering van dierproductiviteit, gezondheid, prestaties en emissies, te evalueren. Over het algemeen bevestigt de studie het potentieel van nutritionele interventies, met name diervoederadditieven, om de milieu-footprint van dierlijke producten te verlagen. Daarnaast hebben we geconcludeerd dat meer gedetailleerde richtlijnen en consistentie tussen de verschillende richtlijnen wenselijk zijn. Deze ‘road testing’ studie identificeert de gebieden waar de bestaande richtlijnen specifieker uitgewerkt zouden kunnen worden om zo tot robuustere LCA-resultaten te komen. Dit was bijvoorbeeld het geval bij het inrekenen van variabiliteit en onzekerheden van complexe zoötechnische dynamieken in een LCA-model. Dit was ook het geval bij het oplossen van wijzigingen in de productie en samenstelling van mest dat de boerderij verlaat en bij het modelleren van nutritionele interventies die productkwaliteit en de volgende fases in de waardeketen beïnvloeden. Verder benadrukt de studie de cruciale rol van diervoedersamenstelling in het bepalen van de milieueffecten van dierlijke producten. De beslissingen die LCA-experts maken omtrent deze dilemma’s hebben mogelijk grote invloed op de resultaten – er is dus behoefte aan duidelijkere richtlijnen.

Over APS-footprint

Binnen de studie hebben we gebruik gemaakt van de APS-footprint tool. APS-footprint is de nieuwe innovatieve tool van Blonk Sustainability Tools. Het is een software-oplossing die stakeholders in de dierlijke productiewaardenketen helpt om meer duurzame productiesystemen te bepalen en te monitoren en hiermee de milieu-footprint te reduceren. Het omvat een complete levenscyclusanalyse (LCA) functionaliteit en genereert begrijpelijke resultaten. Deze resultaten kunnen bijvoorbeeld worden ingezet voor onderzoek en ontwikkeling (R&D), het monitoren van innovaties, MVO- en duurzaamheidsrapportages en communicatie. APS-footprint maakt het mogelijk om de milieu-impact te berekenen conform internationaal erkende standaarden, zoals FAO LEAP richtlijnen en de Europese PEFCRs red meat en dairy. De ISO 14040/44 richtlijnen zijn gebruikt als algemeen methodologisch kader, wat consistentie op wereldniveau waarborgt.

Lees meer over APS-footprint

Milieueffecten van diervoederadditieven

Over het algemeen bevestigt de studie dat het gebruik van de meegenomen diervoederadditieven een positieve impact heeft op de gehele levenscyclus. Op één specifieke case na, voor een product met een hoog inclusiepercentage, kan worden geconcludeerd dat de milieu-impact van diervoederadditieven-productie erg laag is in vergelijking met de positieve impact die de additieven teweegbrengen. De studie laat zien dat het toevoegen van additieven aan het diervoeder kan leiden tot 10% verbetering. Diervoederadditieven zijn nuttig bij het reduceren van de milieu-footprint van dierlijke productie, omdat ze tegelijkertijd zowel productiviteit kunnen verhogen als specifieke emissies kunnen verlagen. Verder laat de studie zien dat fytase een significante bijdrage levert aan het verminderen van fosfor- en stikstofgerelateerde impacts op de boerderij.

De studie onderstreept de noodzaak om de milieu-footprint van diervoeder-ingrediënten te integreren als optimalisatiecriterium, in plaats van enkel als een gegeven. Op deze manier kan de potentie van diervoederadditieven voor een reductie in milieu-footprint volledig worden benut.


Meer informatie




Vragen over deze studie, of meer informatie over APS-footprint? Neem contact op met Hans Blonk
e-mail: hans@blonkconsultants.nl of telefoon: +31 (0)182 579970.